Praten
Toen dacht ik: het is de afwijzing door J. Eerst de omarming dwars door alle grenzen heen, en toen dat wegduwen. Het is niet dát ze wegging. Weggaan doen we allemaal wel eens. Het is hóe ze wegging. Sindsdien denk ik steeds aan mijn moeder die mij als meisje van een jaar of 9, 10 van zich afduwde: "Hang niet zo aan me. Ik kan er niet tegen als je de hele tijd zo aan me hangt", en hoe ze vervolgens onbereikbaar werd. Sindsdien herinner ik me voortdurend van alles waarvan ik dacht dat ik er klaar mee was. Sindsdien heb ik weer nachtmerries en slaap ik slecht. Jaren therapie praktisch voor niets geweest.
Het is geen schaamte. Het is angst om mezelf te laten zien. Dat kleine stukje. En nog veel meer. Alles. Angst om iets daarvan te laten zien en daarmee aandacht te claimen. En dan afgewezen te worden. Precies één van de redenen waarom ik in de groep zit. En waarom ruim vantevoren mijn hart een extra slagje sloeg van de zenuwen, en uren later nog steeds. Maar gepraat heb ik, vanochtend.
2 opmerkingen:
Wat goed! You did it!! *applaus voor Marsmania|
@swan :-)
Een reactie posten